Het park Costa Vicentina is bepaald niet onbebouwd: er zijn een flink aantal dorpen en zelfs een paar stadjes, die vaak eeuwenoud zijn. De bekendste ervan staan hieronder afgebeeld. Door op de gewenste markering op de kaart te klikken, verschijnt een link* naar een uitgebreidere beschrijving van het dorp of stadje. Om het ontstaan en de ligging van de dorpen goed te kunnen begrijpen, is het handig om weet te hebben van de geschiedenis van Portugal.

Beknopte geschiedenis van Portugal*: Dit werkt niet bij de oude windowsbrowsers, gebruikers hiervan moeten op deze pagina gewoon scrollen naar het betreffende dorp.






Huurauto   Fietsen  Vogels

Het weer bomen Surfen

Zandstrand    Vissen Lopen

Restaurants Vakantiehuizen




Zoeken op deze site:





Vertel anderen over deze site:



Naar de pagina over het weer in het park Costa VicentinaNaar de pagina over vervoer in en naar het park Costa VicentinaNaar de partnerpagina van deze siteNaar de contactpagina van deze site





Dorpen in het park Costa Vicentina





Aljezur

Aljezur in het park Costa VicentinaZo'n dertig kilometer ten noorden van Lagos, aan de N120, ligt Aljezur, met zijn 4750 inwoners de grootste plaats in het park Costa Vicentina. De naam is afkomstig van het arabische woord 'Aljuzur' (الجزر), dat eilanden betekent. Kenmerkend voor Aljezur zijn haar huizen met landelijke architectonische kenmerken die karakteristiek zijn voor de Algarve, waar platibandas (randen beschilderd met geometrische motieven) en raamopeningen de witte gevels verfraaien.

Door de eeuwen heen is landbouw de belangrijkste bron van inkomsten geweest van Aljezur. Met name de vallei staat bekend om zijn zoete aardappelgewassen, die in 2009 een EU-beschermde geografische indicatie (IGP, Indicação Geográfica Protegida) hebben gekregen. Dit gewas wordt nu geteeld door rond de 300 boeren in de omgeving, die per hectare tussen de acht en de twintig ton aardappelen produceren. Sinds 1998 is er jaarlijks een drie dagen durend oogstfeest voor de zoete aardappel, het festival da botata-doce de Aljezur, meestal eind november/begin december.

De zoete aardappel van Aljezur, in het park Costa Vicentina

De laatste decennia deelt ook Aljezur in de sociale en economische vernieuwingen en de opkomst van het toerisme in de regio: aan de kust bij Praia do Monte Clerigo en Praia Amoreira liggen de vrij grote urbanisatie Vale da Telha en het veel kleinere prachtig gelegen villawijkje Espartal.


Alejzur bestaat uit twee gedeelten: Aljezur -oud en -nieuw, van elkaar gescheiden door een vallei, waar de Riberia de Aljezur doorheen loopt, op weg naar de Atlantische Oceaan. 

Kasteel van Aljezur, in het park Costa Vicentina

Het meest markante aan het oude Aljezur is ongewijfeld het Moorse kasteel, met delen uit de 10e eeuw. Het kasteel staat op een strategische plek: het was tot aan de 16e eeuw vanuit zee bereikbaar, via de Ribeira de Aljezur en overzag een enorm achterland. Om die reden is de plek de afgelopen 3000 jaar in tijden van instabiliteit en spanningen telkens bezet en bebouwd geweest. De oudste opgravingen die op de plek gedaan zijn, dateren uit de Bronstijd. Ook zijn er vondsten uit de Romeinse tijd. De Moren echter, hebben het kasteel zijn huidige gezicht gegeven. Onder leiding van Paio Peres Cerreia werd het kasteel door de Christenen op de Moren heroverd in de dertiende eeuw, waarna het drie eeuwen lang in katholieke handen was. Door een aardbeving in de veertiende eeuw veranderde de loop van de Ribeira de Aljezur echter, en was het kasteel niet langer strategisch interessant.  Het kasteel is tegenwoordig vrij te bezoeken en vanaf de kantelen is er een mooi uitzicht richting de bergen van Monchique of de vallei richting Altantische Oceaan. Het is per auto bereikbaar, maar de wandeling omhoog door de smalle oude straatjes is zeer aan te bevelen. 

In het oude Aljezur staat ook nog de van origine in de 16e eeuw gebouwde kerk, de Igreja da Misericórdia. Deze werd geheel vernield in de aardbeving van 1755, maar nog diezelfde eeuw weer herbouwd. De enorme schade door die aardbeving heeft geleid tot de aanleg van een nieuwe wijk bij Aljezur, genaamd "Igreja Nova" (Nieuwe Kerk). Bovendien werd het oude deel  in die tijd getroffen door malaria. De bisschop van de Algarve verordonneerde toen de bouw van een nieuwe wijk, aan de andere kant van de rivier. De besmetten bleven uiteraard in het oude deel.

Centraal in het nieuwe deel staat de kerk Igreja Matriz de Nossa Senhora da Alva, dat aan een plein gebouwd is. Bij deze kerk staat een standbeeld van de beschermheilige van Aljezur. In de kapellen aan de zijkant staan twee 17e eeuwse beelden, die afkomstig zijn uit een klooster in Monchique. Aan het kerkplein zijn een aantal cafe's te vinden. In Aljezur zijn veel voorzieningen, onder meer banken, een grote dagelijkse groente- en vismarkt en een supermarkt, die dagelijks (ook op zondag) geopend is van 8.30 uur tot 20.00 uur. Iedere maand is er een 'gewone' markt (groente, kleding en huishoudelijke spullen). In Rogil (5 kilometer noordwaarts) is diezelfde gewone markt iedere maand een week later (zie de data de agenda van het park). Vlakbij datzelfde Rogil, in Arregata, staat een windmolen, die open is voor bezichtiging (van dinsdag tot en met vrijdag, van 14:00 tot en met 18:00 uur, behalve op feestdagen).

Aljezur kent maar liefst drie musea. Het gemeentelijk museum, dat is gevestigd in het voormalige gemeentehuis van Aljezur. Het stelt regionale kunst en archeologische voorwerpen tentoon, samen met een gereconstrueerde traditionele woning uit Aljezur. Het Museu de Arte Sacra Monsenhor Manuel Francisco Pardal is verbonden aan de Igreja da Misericórdia en omvat een collectie van religieuse kunstvoorwerpen. De Casa Museu Pintor José Cercas tenslotte, herbergt een flinke collectie van kunstvoorwerpen en bezittingen van deze lokale kunstenaar. Deze zijn na de dood van de schilder (in 1992) aan de gemeente geschonken.

In Aljezur zijn een tiental restaurants te vinden, de meeste in het oude deel.

In de nabije omgeving van Aljezur zijn een drietal sites met archeologische opgravingen. Bovenop de klif aan de noordzijde van  praia da Arrifana staan de ruines van een fort dat in de 17e eeuw, tijdens het rijk van koning Filipe de Derde gebouwd werd om de vissersvloot te beschermen tegen piraterij. Doordat het op de klif veel stormt, is het fort een aantal keren ingestort en weer herbouwd. Tijdens de aardbeving van 1755 werd het fort grotendeels vernietigd. De restanten zijn in 2011 gerestaureerd.


Een paar kilometer verder noordwaarts, op de Ponta da Atalaia, staat de Ribat da Arrifana, een 12e eeuwse combinatie van fort en klooster, een van de grootste die op het Iberisch schiereiland is gevonden. De Ribat werd opgericht door de sufi Ibn Qasi en werd tijdens de Moorse overheersing gebruikt als militair en religieus centrum. Vlak bij het fort zijn ook nog opgravingen van een moskee, met onder meer een minaret en een bidmuur, die op Mekka gericht is. Zowel vanuit Monte Clerigo als vanuit Arrifana zijn er wandelroutes die langs deze opgravingen voeren.

opgravingen op de Ponta da Atalaia in het park Costa Vicentina


De Necrópole de Corte Cabreira tenslotte, is een begraafplaats vlak bij het nieuwe Aljezur, waarvan de eerste graven dateren uit 1800 voor Christus. Veel van de daar gevonden voorwerpen worden in het gemeentemuseum getoond.

Aljezur ligt aan wandel-etappe 8 van de Rota Vicentina en mountainbiketracks Al1, Al2, Al3, Al4 en Al10 hebben dit stadje als vertrek- en finish-plaats.



 

terug naar kaart







Odeceixe

Odeceixe, in het park Costa VicentinaOdeceixe (Ode betekent 'waterloop' en Ceixe 'kiezelstenen') ligt tien kilometer ten noorden van Aljezur, eveneens aan de N120. Het maakt deel uit van de gemeente Aljezur en telt bijna duizend inwoners.

Odeceixe in het park Costa Vicentina

Het dorp ligt aan de Riberia de Odeceixe, die vanuit de bergen van Monchique stroomt naar de vijf kilometer westwaarts gelegen Altantische oceaan. Het wat nieuwere deel van Odeceixe ligt op een heuvel aan de zuidkant van het oude centrum. Dit centrum is vrij toeristisch ingesteld en richt zich geheel op diegenen die overdag het fraaie strand van Odeceixe willen bezoeken, of hebben bezocht. Er is dan ook een fors aantal restaurants te vinden. Hier staat de parochiekerk, die gebouwd werd in het eerste kwartaal van de 16e eeuw en gerenoveerd in de late negentiende eeuw (1880). Bij deze renovatie zijn de eenvoud van het interieur en de triomfboog (Manueline stijl 1517) goed bewaard gebleven. De kerk heeft een neoklassieke koor en een eveneens neoklassiek zeshoekig doopvont. In de kerk staat het beeld van de patrones, Nossa Senhora da Piedade. Ook in het centrum bevindt zich het Adega-museu, oftewel het wijnkeldermuseum.  In een originele wijnkelder uit het begin van de 20ste eeuw wordt laten zien hoe in de afgelopen eeuw in deze regio wijn werd geproduceerd. Het museum is open van 1 juni tot en met eind september, van 10:00 tot 16:30 uur.

Dit strand van Odeceixe ligt zo'n drie kilometer westwaarts. De mooie weg naar dit strand voert door de vallei van de genoemde Ribeira,  waar in het voorjaar de bloeiende amandelbomen zijn te vinden en onder meer de koereiger, de hop en de purperreiger zijn te zien. Aan de Praia de Odeceixe liggen een twintigtal huizen, een paar restaurants en er is een surfschool. De omgeving van Odeceixe leent zich prima voor moutainbike- of wandeltochten. Odeceixe ligt is een start- en finish-plaats van etappes van de Rota VIcentina en mountainbiketracks Al7 en Al11 komen langs of door dit dorp.

terug naar kaart






Vila do Bispo

Vila do Bispo, in het park Costa VicentinaVila do Bispo ligt op ongeveer twintig kilometer van de havenstad Lagos. De gemeente heeft een totale oppervlakte van 178 km² en telt ruim 5.000 inwoners. In het gebied rond Vila do Bispo zijn nog steeds veel molens te vinden, als herinnering aan de tijd waarin dit dorp de broodmand was voor de Algarve. Dat is het inmiddels niet meer, wat overblijft is een wat slaperig dorpje.  In het oude centrum staat een mooie kerk, omgeven door nauwe straatjes, met veel restaurants en mooi gekleurde huizen in de typische oud-Algarve stijl. De kerk stamt uit de 18e eeuw, met een altaar uit de 16e eeuw van de beschermheilige van de kerk, Nossa Senhora da Conceição.

De kerk van Vila do Bispo in het park Costa Vicentina

De kerk bevat tevens een aantal zeer waardevolle panelen met afbeeldingen van Sao Pedro en Sao Paulo, ook uit de 16e eeuw. Bij de kerk is een museum met een aantal interessante religieuze werken uit de 16e eeuw.

Iets meer naar het westen liggen de modernere huizen en gebouwen van Vila do Bispo. Ook is er een wekelijkse markt en een supermarkt (een Alisuper en een Lidl, dagelijks geopend van 9:00 tot 21:00 uur) en er zijn 2 banken. Villa do Bispo is sinds 1992 een tweeling-gemeente met het Japanse Nishimoomote, als een soort van erkenning, omdat de Portugezen een van de eerste europeanen waren die aankwamen in Japan. Het plein wat tussen het cultureel centrum en de normale bebouwing ligt, heet daarom het Praça  de Tanagashima.  In Vila do Bispo zijn enkele restaurants en er is een hotel. Op het industriererreintje, net aan de overkant van de N268, is een vrij grote surfshop. In Vila do Bispo is iedere eerste woensdag van de maand een markt met groente, vis en huishoudelijke artikelen (zie ook de agenda van het park). Vila do Bispo is een start- en finish-plaats etappes van de Rota Vicentina en mountainbiketracks AL18 en AL30 komen door dit dorp.

In de gemeente Vila do Bispo zijn tal van overblijfselen uit de neolithische tijd te vinden. Zo zijn er vele megalitische monumenten, zoals menhirs, te zien. Deze zijn ruim 5000 jaar oud.

Een menhir in Vila do Bispo, in het park Costa Vicentina

De grootste concentratie van deze menhirs is te vinden langs de weg naar de Praia da Ingrina. Hier staan er, verspreid langs de weg van Raposeira naar Ingrina, een tiental. Het exemplaar halverwege de route verkeert in de beste staat en staat bekend als de 'menir do Padrao'.

terug naar kaart






Odemira

Odemira, in het park costa vicentinaOdemira is een plaats en gemeente in het district Beja. Strikt genomen ligt de plaats net buiten de oostgrens van het park Costa Vicentina, het grootste deel van de gemeente ligt er echter binnen. De gemeente heeft een totale oppervlakte van 1721 km² en telt ruim 25.000 inwoners. Odemira is qua oppervlakte de grootste Portugese gemeente op het vasteland. Het dorp is ongeveer even groot als Aljezur, maar wel fraaier en bovendien de laatste jaren mooi gerenoveerd. Het dorp Odemira ligt in een bocht van de Ribeira da Mira (rivier), niet ver van de Atlantische kust. Op de grondvesten van het voormalige kasteel (Castello) is een prachtig gerestaureerde openbare bibliotheek gevestigd met gratis internet. Andere bezienswaardige plekken in Odemira zijn de twee kerken (Santa Maria en São Salvador), de brug over de Mira en de kades.

Odemira in het park Costa Vicentina


De gemeente Odemira bestaat uit 17 plaatsen verspreid over een uitgestrekt heuvellandschap met eucalyptus-, dennen- en kurkeikenbossen. Er is ook een natuurcamping, Corgo do Pardieiro. In het park Costa Vicentina aan de kust liggen de gemeente-plaatsen Vila Nova de Milfontes, Almograve en Zambujeira do Mar waar het in de zomer druk is met toeristen en surfers. Daar zijn ook een aantal campings. Meer het heuvelige binnenland in ligt het dichtstbijzijnde treinstation, Santa Clara-Sabóia, met verbindingen naar Faro en Lissabon. In Odemira zijn ook verschillende bankkantoren en een postkantoor. Verder vindt u in Odemira een bioscoop (de meeste films zijn in het Engels), een ziekenhuis en apotheek die 24 uur per dag, 7 dagen in de week open is, verschillende supermarkten (Lidl, Aldi, Intermarche), een binnenzwembad. Het stadje Odemira heeft drie jaarfeesten, met grote markten, op 24 mei, 13 september en 21 december.

Odemira kent een aantal restaurants en cafés en er zijn veel mooie parken en pleintjes, waar de bloemen altijd in bloei staan vanwege voortdurend nieuwe aanplant.

Het landschap tussen Odemira en de kust is groen en heuvelachtig. Er zijn vele wandelingen te maken door de heuvels en langs de kust. Odemira is een start en finishplaats van etappes van de Rota Vicentina. Op 10 minuten van Odemira ligt de oase Pego de Pias. Hier heeft een klein riviertje een enorme rotspartij in tweeën gedeeld. Zo is een prachtige waterpartij ontstaan waar heerlijk gezwommen kan worden en van de rotsen kan worden gesprongen in het diepe verkoelende water.

Odemira is tevens start- en finishplaats van de mountainbiketracks AL17 , AL19, AL21, AL24 en AL26.

terug naar kaart






Vila Nova de Milfontes

Vila nova de milfontes, in het park Costa VicentinaVila Nova de Milfontes is een plaats (freguesia) in de Portugese gemeente Odemira en telt ruim 4.000 inwoners. In de zomer ligt dat aantal met de komst van toeristen rond de 50.000. Vila Nova de Milfontes (stad van de duizend fonteinen) dankt zijn naam uiteraard aan de talrijke fonteinen die er in het dorpje te vinden zijn. 

Vila Nova de Milfontes is een geliefde badplaats voor de Portugezen en heeft buiten het dorp een eigen vissershaven. Er zijn stranden aan beide kanten van de riviermonding en aan de zee: aan de noordkant onder meer Praia do Farol en aan de zuidkant Praia das Furnas. In de zomermaanden is er een veerbootverbinding over de rivier, vlak bij de kust, tussen het noord- en het zuid-strand. Ook de nabij gelegen plaatsen Säo Luis, Cercal zijn authentiek Portugees en een bezoekje waard. Er is een jaarfeest, met grote markt, op de eerste mei.

In Vila Nova de Milfontes, aan de Ribeira da Mira, ligt Forte São Clemente (zie foto hieronder), dat werd gebouwd gedurende het koninkrijk van Koning Filipe aan het begin van de 17e eeuw, door de Italiaanse architect Alexandre Massai. Deze architect ontwierp ook het fort op het naburige eilandje Pessegueiro. Het kasteel diende om het dorp tegen noord-afrikaanse piraten te beschermen, die met name afkomstig waren uit Algiers. Deze piraten hadden in 1582 Vila Nova de Milfontes al eens compleet verwoest. Het voormalig kasteel werd door de staat verkocht op een openbare veiling in 1903. Het is nu een hotel en niet voor bezoekers toegankelijk. Aan de rechterzijde van het fort is een plein met een monument ter nagedachtenis aan de piloten die naar Macau vlogen.

Vila nova de Milfontes in het park Costa Vicentina


Centraal in het dorp Vila nova de Milfontes staat de in traditioneel blauw-witte kleuren geverfde kerk Igreja de Nossa Senhora da Graçe. Het overgrote deel van de kerk stamt uit 1959, maar de fundamenten komen uit het einde van de 16e eeuw. De kerk is twee maal vernietigd: de eerste keer door Moorse piraten en de tweede keer door de aardbeving van 1755.

Aan de noordzijde van de plaats waar de Mira in zee stroomt, is recentelijk de Miradouro do Farol de Vila Nova de Milfontes aangelegd. Dit is een met de auto bereikbaar uitzichtpunt. In het midden van de rotonde op het uitkijkpunt staat het kunstwerk ' Arcanjo', dat tussen 2007 en 2008 werd gemaakt en 3,5 meter hoog is. Het won de Prémio Utopia 2008 de Arte Fantástica, een belangrijke portugese kunstprijs. Vanaf het kunstwerk is een 360 graden-opname te zien.

Het dorp staat verder bekend om het forse aantal restaurants.

Vila Nova de Milfontes is een start- en finishplaats van etappes van de Trilho dos Pescadores, een onderdeel van de Rota Vicentina. De mountainbiketrack AL19 komt vlak langs dit dorp.

terug naar kaart






SagresSagres, in het park Costa Vicentina

Sagres is het meest zuidwestelijk gelegen plaatsje, zowel van het park Costa Vicentina  als van heel Portugal. De naam stamt af van Promontorium Sacrum, de naam die de Romeinen aan het omliggende gebied gaven. In die tijd geloofde men dat dit gebied de meest westelijke plek van de wereld was.

Sagres in het park Costa Vicentina


Door zijn tamelijk geisoleerde ligging is Sagres als een van de weinige Algarve-plekken nauwelijks tot ontwikkeling gekomen. Het is nog steeds een rustig stadje, met een aantal mooie stranden, een pitoresque haventje in Baleeira en een mooi plein, Praca de Republica. In de zomer is het populair bij toeristen, echter veelal als dagtocht. Het dorp kent een groot aantal restaurants. In Sagres is een van de drie in de Algarve aanwezige Pousadas, de Pousade de Sagres - Infante. Een Pousada is een van origine overheidsgesubsidieerd hotel, opgericht om de portugese cultuur en geschiedenis te ondersteunen. In Sagres is  maandelijks een markt met groente en huishoudelijke artikelen (Mercado mensal), tegenover de vismarkt (zie voor de data de agenda van het park).

Sagres is in de eerste plaats populair vanwege het fort van Hendrik de Zeevaarder, de zoon van Koning Jao de eerste. Dit werd in de 15e eeuw gebouwd door koning Manuel de Eerste, door Francis Drake in 1587 vernietigd. Koning Philips de Derde van Portugal heeft het rond 1630 herbouwd. Daarna werd het helaas verwoest door de tsunami die bij de aardbeving van 1755 werd opgewekt.

Diezelfde Hendrik de Zeevaarder bouwde in de 15e eeuw in Sagres de beroemd geworden zeeschool, Vila do Infante genaamd. Deze zoon van koning Johan I van Portugal werd in 1394 geboren. Hoewel zijn bijnaam anders doet vermoeden, was hij zelf geen groot reiziger, maar de initiator en financier van veel reizen. Door zijn onafgebroken inzet en aandacht voor nautische ontdekkingen ontwikkelde Portugal zich tot een zeevarende natie met een groot aantal kolonieen. Samen met zijn vader streed hij tegen de Moren. Dit resulteerde in de val van Ceuta (1415) in het noorden van Afrika. Hij was gefascineerd door Afrika en haar rijkdom. Een legende in die tijd was dat er een Christenlijke koning ergens in Afrika zou heersen die onmetelijke rijkdom tot zijn beschikking had. Hij startte een zeevaartsschool in Sagres. Doordat op deze school zeelieden, astronomen, scheepsbouwers en cartografen samen studeerden, leidde het de periode in waarin Portugal door ontdekkingsreizen de wereld vergrootte. Hendrik stond aan de wieg van de ontwikkeling van verschillende scheepsrompen. Verder eiste hij ook dat zijn kapiteins uitgebreide aantekeningen maakten en kompassen gebruikten. Hendrik wou namelijk graag de kust van West-Afrika in kaart brengen. Mede door zijn toedoen werden onder meer de Azoren en de Kaapverdische eilanden ontdekt. Dit alles werd bekostigd door de slavenhandel, bepaald niet ongebruikelijk in die tijd. Een belangrijke leerling van Hendrik's zeevaartschool was Vasco da Gama , die de zeeweg naar India ontdekte en Cabral Magellan die Brazilië ontdekte.




De derde bezienswaardigheid van Sagres is de kaap Cabo de São Vicente, met zijn beroemde vuurtoren (de farol de Cabo de São Vicente). De kaap is zo'n 100 meter lang en de klif ruim 60 meter hoog.  'Het Einde van de Wereld',  zo wordt dit meest zuidwestelijke punt van Europa veel genoemd.  De huidige vuurtoren is van rond 1905. De 24 meter hoge en 150 jaar oude vuurtoren de enige bebouwing in de wijde omgeving. Met een zichtwijdte van 90 km is dit, samen met de Farol do Cabo Sardao, één van de belangrijkste bakens langs de kust van het park Costa Vicentina. De vuurtoren is gebouwd op de ruïnes van een oud klooster. Enkele restanten zijn nog altijd zichtbaar. In 1846 werd de vuurtoren voor het eerst in gebruik genomen, destijds nog werkend op olie. Aan het einde van diezelfde eeuw werd de vuurtoren gemoderniseerd en in 1926 werd de eerste elektrische lamp gebruikt.

Cabo de São Vicente, in het park Costa Vicentina

Omdat er veel onduidelijk is over dit gebied en zijn geschiedenis, is de grens tussen feiten en fictie moeilijk vast te stellen. Wat in ieder geval als fictie kan worden beschouwd is de legende die bestaat rond de Kaap. De legende van Os Corvos de São Vicente, oftewel de Raven van Sint Vincent, wordt op allerlei manieren verteld (hier is men het natuurlijk ook niet over eens). Een van de vele versies is de volgende: In 304 na Christus werd de Spaanse monnik Sint Vincent in Valencia ter dood veroordeeld door de Romeinse gouverneur Diocletianus. Zijn lichaam moest in het veld geworpen worden, zodat het door de wilde dieren verscheurd zou worden. Een grote raaf verscheen echter en verdedigde het lichaam van de monnik. Daarop bepaalde Diocletianus dat het lichaam in de zee gegooid moest worden, vastgebonden aan een molensteen. Zo gezegd, zo gedaan, maar het touw waarmee de monnik aan de molensteen zat knapte en het lichaam werd meegenomen door de zee. In de achtste eeuw spoelde het lichaam aan bij Cabo de São Vicente, in gezelschap van raven. Het lichaam werd door de toenmalige Moorse bewoners van de Algarve in de kleine moskee op de kaap geplaatst en de raven bleven waken over het graf van Sint Vincent. Het kwam Afonso Henriques, de eerste koning van Portugal, ter ore dat een lichaam van een heilige monnik lag begraven in de Algarve en hij besloot onmiddellijk tot een expeditie tegen de Moorse bezetters. In 1147 werden de Moren verslagen en het lichaam van St. Vincent werd overgebracht naar de kathedraal van Lissabon. Sint Vincent is sindsdien de beschermheilige van Lissabon en de raven zijn nog altijd te zien op het wapen van de stad.


terug naar kaart






Zambujeira do Mar

Zambujeira do Mar, in het park Costa VicentinaZambujeira do Mar is een dorp in de gemeente Odemira en telt een kleine duizend inwoners. Het heeft een oppervlakte van ruim veertig vierkante kilometer. Het ligt net ten zuiden van de Cabo Sardão, de grote kaap met vuurtoren. De kuststrook is hier een ruige combinatie van valleien en kliffen, soms afgewisseld met kleine zandstrandjes, zoals Alteirinhos, Nossa Senhora en Tonel. In vroegere tijden was Zambujeira do Mar louter een vissersdorpje, aangevuld met wat argrarische activteiten. Zambojeira do Mar is een van de vier plekken in het park Costa Vicentina waar er tussen de kliffen een Entrada da Barca (een natuurlijk haventje) is, in dit geval een paar kilometer ten noorden van het dorp.

Entrada da barca, in het park Costa Vicentina

Een tweede haventje ligt zo'n vijf kilometer ten zuiden van Zambujeira do Mar, in het gehucht Azenha do Mar. Dit haventje was tot voorkort de grootste aanvoerhaven van medicinale algen. Deze algen werden door duikers vlak bij de kust 'gevangen' in grote sleepnetten. Het hele dorpje is vanwege het verzamelen en drogen van deze algen gebouwd. Deze activiteit vindt nu nog steeds plaats, alleen op zeer beperkte schaal.

De haven van Azenha do Mar, in het park Costa Vicentina


In de tweede helft van de twintigste eeuw begon het toerisme in Zambujeira do Mar zich langzaam te ontwikkelen, veelal in combinatie met landelijke activteiten. Anno nu is Zambujeira do Mar een mooie mix tussen toerisme, visserij en landbouw. In het dorp is dan ook een aantal restaurants. Er is een jaarfeest eind augustus, met een grote markt. Zambujeira do Mar is een start- en finishplaats van de Trilho dos Pescadores, een onderdeel van de Rota Vicentina,  de mountainbiketracks Al20 en AL39 komen ook door dit dorp.

Op een mooie plaats vlak bij de kust, boven op een klif, staat de kapel Nossa Senhora do Mar, gelegen aan een mooi rond plein. Het kappelletje is van een eenvoudige klassieke schoonheid.

De kapel van Zambujeira in het park Costa Vicentina



Naar de site van fesitval sudoeste, in het park Costa VicentinaIn de eerste helft van augustus verandert Zambujeirado Mar totaal, als het vierdaagse muziekfestival Festival Sudoeste losbarst. Gedurende die vier dagen zijn er non-stop optredens van rock en indie bands, afgewisseld door DJs.






terug naar kaart







Carrapateira

Carrapateira is een kustdorpje dat deel uit maakt van de parochie Bordeira, in de gemeente Aljezur. Het is gelegen op een heuvel, in een vrij droog gebied, met alleen de ribeira de Carrapateira in de nabije omgeving. Carrapateira is gelegen op een leistenen ondergrond, dat zich tot aan de kust uitstrekt. Daar, aan de westzijde, is de grote kaap Cabo Pontal, wiens grote rode rotsformaties precies lijken op de van Cape St.Vincent (op de 'hoek van Portugal'). Hierdoor, en door de sterke zuidwaartse stroom, strandden er veel schepen. Voor de kust ligt nog het schipswrak van La Contessa. Op de Cabo Pontal bevindt zich ook de Povoado Islâmico Sazonal de Pescadores; de overblijfselen van een Moorse vissersnederzetting uit de twaalfde eeuw. Hier zijn verschillende viswerktuigen, maar ook dierenresten en potten opgegraven.

Net onder Capo Pontal was er tot voorkort een haventje, Porto do Portinho da Zimbreirinha. Het was meer dan honderd jaar lang in gebruik als de vissershaven van Carrapateira, de boten werden omhooggetakeld en ondergebracht in zogenaamde helmgrashutjes. In vroegere tijden meerden er galjoenen aan, voor de levering van molenstenen aan de talrijke maalderijen in de omgeving (het gebied rond Carrapateira gold vroeger als de broodmand van de Alvargve). Op 28 februari 2010 werd de havenstructuur compleet vernield door een storm en zware regenval. Sindsdien is dit haventje gesloten en is het een zwemstrandje. Het strand kan worden bereikt via de gravelweg, die ook langs Praia da Carrapateira loopt. Samen met Praia do Amado zijn deze laatsten twee uiterst populaire surfstranden bij Carrapateira. In het stuk tussen strand en dorp zijn er nog veel afscheidingen te vinden die gemaakt zijn van Agaves. In het dorp zijn twee surfwinkels en een aantal restaurants

Carrapateira in het park Costa Vicentina

In de 17e eeuw werd er, als gevolg van de frequente noord-afrikaanse piraterij in dit deel van de kust, in Carrapateira een klein fort gebouwd. De muren van het fort omsloten ook de parochiekerk Nossa Senhora da Conceição, die volgens klassiek Algarve-architectuur is gebouwd. Als gevolg van de aardbeving van 1755  beschadigde de kerk, wat tevens het begin was van de langzame afbraak van het fort. In 1822 verloor het fort definitief zijn functie en zijn er nu alleen een paar muren te zien. De kerk daarentegen, is mooi gerestaureerd.

Vlak bij de kerk is het Museu do Mar e da Terra da Carrapateira. De belangrijkste doelstelling van dit museum is om verschillende traditionele activiteiten te laten zien, die verband houden met de visserij en landbouw in de regio. Het museum is van dinsdag tot en met zaterdag geopend, in de zomermaanden van 11 tot 18.00 uur en in de wintermaanden van 10 tot 17.00 uur.

Net boven het museum is het waterreservoir. Door een ingenieus systeem van leisteen metselwerk wordt het water over de lager liggende gebieden verspreid. Dit eeuwenoude systeem is nog steeds in gebruik.

Vanuit Carrapateira start een etappe van de Trilho dos Pescadores en het dorpje is de start- en finish-plaats van de Caminho Historical, beiden onderdelen van de Rota Vicentina. Verder is er een mooie officiele wandelronde door de heuvels rond het dorp, de RC8. Tenslotte kennen ook de mountainbike tracks Al6 en Al18  Carrapateira als start- en finish-plaats.

terug naar kaart






Porto Covo

Porto Covo, in het park Costa VIcentinaPorto Covo (covo betekent baai) is een van de twee freguesias (parochies) in de gemeente Sines en telt ruim duizend inwoners. Het werd bij de aardbeving van1755 compleet weggevaagd en weer opgebouwd door de toenmalige Marquês de Pombal, Sebastião José de Carvalho e Melo. Tegen het einde van de achttiende eeuw was de baai van Porto Covo een plaats van waaruit schepen met kolen werden geladen en naar Lissabon gingen. Rond die tijd ontstonden er plannen voor een echte haven in de baai. Porto Covo zou hierdoor de toegangspoort voor de transporten naar en uit de hele Alentejo moeten worden. Een dergelijke commerciele haven is Porto Covo nooit geworden: de activiteiten hebben zich altijd beperkt tot vissen, en dat ook nog eens op een traditionele wijze: met behulp van rieten vlotten. Van het grote project is uiteindelijk alleen de bouw van het centrale pleintje  (Largo do Marquês de Pombal) in Porto Covo doorgegaan. Het plein is een fraai voorbeeld van architectuur uit de tijd van de Verlichting, met zijn perfecte vierkante vorm, de symmetrie in de facades en het ontwerp en de plaats van de kerk. Het plein is gebouwd door de architect Henry William de Oliveira, die naar verluid geen ekele maal een bezoek heeft gebracht aan de bouwplaats in Porto Covo, maar alles vanuit zijn kantoor in Lissabon deed.

Het plein in Porto Covo: Largo do Marquês de Pombal

De oppervlakte van de Parochie Porto Covo is bijna vijftig vierkante kilometer. De parochie Porto Covo werd opgericht in 31 december 1984, door het losmaken van de parochie van Sines. Een lied van Rui Veloso over deze parochie maakte Porto Covo bekend bij de Portugezen. Bij Porto Covo is het park Costa Vicentina maar vijf kilometer breed en vormt de weg CM1072 de grens. Porto Covo heeft een winkelstraat en een aantal restaurantjes. Er is een jaarfeest met een grote markt op 29 augustus. Vrij dicht bij het strand is een camping, Parque de Campismo de Porto Covo.



Nabij Porto Covo ligt het eiland Pessegueiro. Hier zijn nog overblijfselen van eeuwenoude bezettingen, zoals een fort uit de zestiende eeuw en de pekelfabriek uit de Romeinse tijd. Er wordt gedacht dat de naam van het eiland uit die tijd stamt en vermoedelijk komt de naam van het Latijnse woord "piscatorius".
In de zomer is het mogelijk om met de boot het eiland te bezoeken, langs een kanaal dat vroeger voor de Romeinen en de Carthagen diende als vluchthaven, en dat tegenwoordig een uitstekende gelegenheid biedt. Het eiland ligt 250 meter van het strand, en ongeveer 5 kilometer vanaf Porto Covo. Op het eiland is een strand. Volgens vele verhalen kwamen in het midden van de achttiende eeuw Barbarijse zeerovers uit Algerije en Marokko aan op het eiland. Een katholieke monnik op het eiland verdedigde zich tegen het plunderen van een kapel op het eiland gewijd aan Maria. De zeerovers doodden de monnik, plunderden de kapel en gooiden het beeld van Maria in vlammen. Later begroeven inwoners van Porto Covo de monnik en beslisten om het beeld te gaan zoeken op het eiland. Ze vonden dit uiteindelijk tussen verbrande spullen; het was als enige onbeschadigd door het vuur. Het Mariabeeld werd verplaatst naar een nieuwe kapel op het vasteland van Portugal, één kilometer van het eiland af, genaamd Capela de Nossa Senhora da Queimada. De kapel is nu een bedevaartsoord.

terug naar kaart